Dialoog

Spelen met denken en spelen met taal in een context van diversiteit

Het bekende is juist doordat het bekend is niet gekend
— Hegel

Dialoog is een doorlopend praktisch filosofisch project in de basisscholen in Brussel.
Educatief aanbod, funding VGC.
http://www.onderwijsinbrussel.be/ondersteuning/educatief-aanbod-dialoog

Vernieuwd educatief aanbod schooljaar 2017-2018

Het educatief aanbod ‘Dialoog’ stimuleert het denken bij leerlingen. Aan de hand van de methodiek ‘filosoferen met kinderen’ gaan leerlingen met elkaar in gesprek. Onder leiding van een gespreksleider praten leerlingen over onderwerpen uit de alledaagse werkelijkheid, bijvoorbeeld Wat is geluk? Wanneer kies ik? of Wat is tijd? Het gesprek is een soort vraag en antwoordspel tussen gespreksleider en leerlingen maar vooral tussen de leerlingen onderling. Hoewel het filosofisch gesprek kenmerken vertoont van een kringgesprek kent het een ander verloop. Gewoonlijk start het filosofisch gesprek op een anekdotisch (ervarings) niveau om vervolgens aan de hand van vragen te eindigen op een meer abstract filosofisch niveau. Op dit niveau zoeken leerlingen naar het mogelijke antwoord op de vraag waar in principe alle leerlingen mee kunnen instemmen. Op die manier onderzoeken leerlingen door middel van taal en denken de werkelijkheid en wordt hen in het filosofisch gesprek de mogelijkheid geboden om vanzelfsprekendheden in vraag te stellen.

Tekst Website Initia 28092017_html_m22b30150.jpg

Methodiek

De methodiek gaat uit van de volgende vijf basis afspraken of spelregels:

1. Kinderen mogen alles zeggen wat zij denken maar zij moeten zeggen waarom dat zij dat denken en het moet met het onderwerp te maken hebben.
2. Via het opsteken van hun hand geven zij aan dat zij iets willen zeggen.
3. De kinderen hebben het recht om te zwijgen.
4. Er kunnen geen fouten worden gemaakt, het zijn de gedachten van het kind, die kunnen verschillen van een ander maar zijn daarom nog niet fout.
5. Luisteren naar elkaar is bij filosoferen met kinderen minstens zo belangrijk als praten.

De dialoog is gebaseerd op deze vijf afspraken/spelregels. Zij creëren een mentale ruimte waarbinnen kinderen op basis van vertrouwen en respect met elkaar in dialoog kunnen treden. In tegenstelling tot discussiëren (het eigen gelijk vooropstellen), is dialogeren gebaseerd op het principe om gezamenlijk, als een detective, op zoek gaan naar het antwoord op de vraag of algemener op zoek te gaan naar (relatieve) ‘waarheid’.

Diversiteit als context

De specifieke context van diversiteit in Brussel stelt aan het project bijzondere uitdagingen. Enerzijds nodigt het educatief aanbod Dialoog uit om op een open en respectvolle wijze met elkaar in gesprek te gaan. In een context van toenemende intolerantie en van opsluiting in het eigen gelijk is dat geen evidentie. Anderzijds stimuleert het educatief aanbod Dialoog op een indirecte manier een correct Nederlands taalgebruik binnen de complexiteit van een meertalige omgeving.

In het educatief aanbod ‘Dialoog’ wordt aan de volgende onderdelen expliciet aandacht besteed:

Spelen met denken

  • stimuleren van denken
  • stimuleren van redeneren
  • stimuleren van dialogeren

Spelen met taal

  • stimuleren van taalvaardigheid
  • stimuleren van spreek- en uitdrukkingsvaardigheid
  • stimuleren van leesvaardigheden (indirect)

Omgaan met diversiteit

  • respecteren van de ander
  • respecteren van de gedachten van kinderen
  • respecteren van een andere mening
  • recht om te participeren in een gesprek

Andere aspecten

  • Vermijden van het gebruik van machtsargumenten in een opvoedingssituatie.
  • Stimuleren van het adagium van Socrates: een houding van ‘niet weten’ leidt tot weten, tot kennis.
  • Verschil tussen dialogeren en discussiëren

Het educatief aanbod

Het educatief aanbod Dialoog omvat twee begeleidingsmodules en een module projectwerking. In de begeleidingsmodules 'introductie' en 'verdieping' worden leerlingen aan de hand van de methodiek filosoferen met kinderen gestimuleerd in denken en zich uit te drukken in taal. Deze modules stimuleren leerkrachten om zich de methodiek eigen te maken. In de module projectwerking wordt de 'verbreding' opgezocht en wordt filosoferen met kinderen gecombineerd met muzische vorming.

Modules

De begeleiding bestaat uit module I en II. De projectwerking bestaat uit module III.

Module I, introductie
4 voorbeeldlessen (praktisch filosoof)
Observatie (leerkracht)

In module I, de introductie van filosoferen met kinderen, worden vier voorbeeldlessen gegeven door een praktisch filosoof van Initia vzw. Aan het einde van module I wordt didactisch materiaal met betrekking tot filosoferen met kinderen in de school achtergelaten.

Module II, verdieping
2 voorbeeldlessen (praktisch filosoof)
2 lessen (leerkracht) / observatie en feedback (praktisch filosoof)

In module II, de verdieping gaat de aandacht vooral uit naar het verbeteren van de vraagtechniek en de vragende houding en zal worden stilgestaan bij specifieke problemen van leerkrachten bij de uitvoering van de methodiek. Hierbij wordt gedacht aan het leren inspelen op wat kinderen zeggen, het leren voorkomen van retorische vragen te stellen, leren gericht te zijn op de intenties van de kinderen, het leren ontrafelen van definities van begrippen en andere aspecten van de methodiek.

Module III, verbreding / muzische vorming
In module III wordt aandacht besteed aan projectwerking en maken wij een expliciete verbinding met muzische vorming. In de projectwerking wordt creatie in muzische vorming afgewisseld met reflectie in praktische filosofie.De combinatie van beide invalshoeken zorgt ervoor dat het thema van een project expliciet uitgediept en visueel gemaakt kan worden Binnen het kader van de projectwerking muzische vorming gaat Initia vzw op verschillende scholen de samenwerking aan met MUS-E Belgium.

Het educatief aanbod en maatwerk

Afhankelijk van de vraag van de school kan maatwerk geleverd worden. Zowel wat de inhoud als de organisatie betreft.

Leerlingen

Het aanbod is bestemd voor leerlingen van de laatste klas van het kleuteronderwijs tot en met het laatste leerjaar van het basisonderwijs.

Frequentie

In principe wordt de filosofische activiteit één maal per drie à vier weken in de klas gehouden.

Leerkrachten

De leerkrachten zijn tijdens de filosofische activiteit in de klas aanwezig. Vanuit een actieve betrokkenheid krijgen zij de kans om leerlingen breed te observeren.

Observatiepunten:

  • taalvaardigheid
  • luister- en spreekvaardigheid
  • dialoogcompetenties
  • denkinhouden (ontwikkelingen mbt burgerschap en diversiteit)
  • denkvaardigheid
  • betrokkenheid, gedrag

Didactisch materiaal

Aan het einde van de filosofische activiteit wordt didactisch materiaal achtergelaten voor de leerkrachten. Het door Initia vzw ontwikkelde materiaal bestaat uit:

  • Onderweg stilstaan, filosoferen naar aanleiding van anekdotes, Acco 2016
  • Peinzen, 49 filosofische vragen voor kinderen, Acco 2006 / 2009 (tweede druk)
  • Poeka, Abimo, 2005

Samenwerking

In het kader van het educatief aanbod Dialoog zal Initia vzw de samenwerking zoeken met MUS-E Belgium, Onderwijscentrum Brussel, Voorrangsbeleid Brussel en Schoolopbouwwerk.

Daarbij zal Initia vzw haar aanbod afstemmen op dat van Onderwijscentrum Brussel en VBB in de school. Het is de bedoeling dat het aanbod van Initia complementair is aan het aanbod van Onderwijscentrum Brussel en VVB.

Financiën

Behalve de subsidie van de VGC gaat Initia vzw wat de inkomsten betreft uit van een eigen kleine bijdrage per school per lesuur begeleiding van 13 €.

Inschrijving

Bij de inschrijving wordt het principe gehanteerd wie het eerst komt het eerst maalt.