Filokids 1998-2000
Het project Filokids wil enerzijds kinderen in de leeftijd van 10-12 jaar in staat stellen om hun beleving van een complexe realiteit als de stad uit te drukken.
Anderzijds doet het project een appel op de bereidheid van volwassenen (politici en beleidsmakers) om naar kinderen te luisteren. Op die manier zullen aanzetten gegeven moeten worden voor communicatie, voor een dialoog tussen kinderen en volwassenen. De uiteindelijke bedoeling van het Filokidsproject is de dialoog tussen volwassenen en kinderen te institutionaliseren in de vorm van een Kinderforum enerzijds en een politiek forum anderzijds.
Het Filokidsproject wordt globaal gekenmerkt door twee fasen. De eerste fase, die betrekking heeft op de periode 1998/1999, laat zich typeren door een naar binnen gerichte werking van het project waarbij het accent ligt op het proces.
De tweede fase die meer product gericht is heeft betrekking op de periode 2000. Het accent in deze fase ligt op een beweging naar buiten, op de dialoog en de communicatie met andere kinderen en volwassenen (politici en beleidsmakers).
De eerste fase: De methode van filosoferen met kinderen implementeren
Opleiding begeleiders
De eerste stap die in het project werd genomen, was het opleiden van leerkrachten en jeugdwerkers met betrekking tot het filosoferen met kinderen.
- Er werden zowel korte workshops (kennismaking met de werkwijze)
- als cursussen (basisopleiding) opgezet
De respons was erg groot. Het aantal geplande workshops (3), moest dan ook uitgebreid worden tot 5 en het aantal cursussen van 5 tot 8. Daarmee kreeg het filosoferen met kinderen in Brussel meteen een stevige impuls.
Kinderen gaan filosoferen over de stad
Vervolgens werden tien groepen geselecteerd. De uitgangspunten voor de selectie waren
- de territoriale spreiding,
- de verschillende doelgroepen en
- de bereidheid om deel te nemen aan het project
Er werd een begin gemaakt met het implementeren van de methode filosoferen met kinderen opdat kinderen in staat zouden worden gesteld hun beleving van het wonen en leven in de stad te onderzoeken.
Onder leiding van de begeleiders filosofeerden de kinderen bijna wekelijks. Op wel bepaalde momenten werd door de begeleiders het thema stad aan de orde gesteld.
Tijdens intervisiebijeenkomsten met de begeleiders werden ervaringen en ideeên uitgewisseld waardoor voornamelijk indirect werd gewerkt aan het vergroten van de deskundigheid inzake de methode filosoferen met kinderen.
Trefdagen van kinderen, hun begeleiders en politici
Kinderen (ongeveer 80), begeleiders en politici ontmoeten elkaar op zogenaamde trefdagen. In de eerste fase zijn zij twee maal bij elkaar gekomen. De eerste trefdag (februari 1999) werd gekoppeld aan de tentoonstelling Ooghoogte 130 cm (een foto/video-installatie, Boudewijngebouw in Brussel) uitgevoerd door de kunstenaar Khosro Adibi in opdracht van en in samenwerking met vzw Initia, bureau voor kunst- en cultuurinitiatieven.
Onder leiding van de kunstenaar maakten kinderen allerhande eigenzinnige foto's van de stad. Dit materiaal werd door de kunstenaar verwerkt tot een tentoonstelling die grote belangstelling kreeg zowel van beleidsmensen als van de pers.
Op de tweede trefdag (september 1999) stond de vraag centraal op welke manier de informatie-uitwisseling tussen kinderen en politici gestalte zou moeten krijgen en hoe deze vertaald zou kunnen worden in beleid. Anderzijds was de bijeenkomst ook bedoeld om de diverse groepen opnieuw te stimuleren om de draad weer op te pakken.
Onderzoek: Welke referentiekaders hebben kinderen voor hun beleving van de Stad?
In deze fase van het project werd een start gemaakt met het belevingsonderzoek.Voor dit essentiële onderdeel van het Filokidsproject werden de filosofische gesprekken van de kinderen geregistreerd.
Deze gesprekken worden via kwalitatieve onderzoeksmethodes geanalyseerd om te achterhalen welke de referentiekaders zijn van de kinderen als zij het hebben over de stad: wat vinden zij belangrijk,
Welke zijn de positieve en de negatieve eigenschappen van de stad, hoe groeit zo'n stad en hoe moet het er in de toekomst mee?
Na een eerste analyse werden de resultaten teruggespeeld naar de kinderen met de vraag of zij zich erin konden herkennen: kinderen vormen de laatste toetssteen. Dit hele proces heeft zijn neerslag gekregen in een onderzoeksrapport.
In de tweede fase: de dialoog en de communicatie met andere kinderen en volwassenen
De Kinderredactieploeg
De kinderredactieploeg van Filokids heeft onder leiding van Jan Knops voor de lokale krant Brussel, deze week, op basis van filosofische uitspraken, foto's en tekeningen over Brussel, een voorpagina (dec. 1999) en een affiche (mrt. 2000) ontworpen.
Het was de eerste gelegenheid dat de kinderen van Filokids met hun beleving van de stad naar buiten konden treden.
Een Kinderforum : de dialoog tussen kinderen en politici/beleidsmakers in Brussel institutionaliseren
Op de derde en laatste trefdag (mei 2000) vond er een terugkoppeling plaats vanuit de onderzoeksresultaten. Op verzoek van de onderzoeker filosofeerden de kinderen over thema's als mobiliteit, werk en gebouwen.
Tijdens een forumbijeenkomst voor volwassenen, die werkzaam zijn als educatieve actoren in Brussel, werd het commitment inzake het oprichten van een Kinderforum afgetast.
Terwijl de geëngageerde Brusselse politici tenslotte gebruik maakten van de bijeenkomst om hun resolutie met betrekking tot het politieke forum te presenteren.
De finaliteit van het Filokidsproject is de dialoog tussen kinderen en politici/beleidsmakers in Brussel te institutionaliseren. De initiatiefgroep is bezig een concept te ontwikkelen voor een institutie (Kinderforum genaamd) die enerzijds de eigen zingeving van de kinderen maximaal aan bod laat komen en anderzijds de communicatie tussen kinderen en politici maximale kansen biedt.
Vanuit een dergelijk concept moet een netwerk ontwikkeld worden met organisaties die in het Brusselse met kinderen bezig zijn (onderwijs, welzijn en sociaal-cultureelwerk). Dit netwerk zal het Kinderforum moeten schragen.
Tegelijk moet een politiek forum ontwikkeld worden dat gesprekspartner wil zijn voor het Kinderforum. De ontwikkelingen rondom het oprichten van een Kinderforum zijn reeds in een vergevorderd stadium. Met name de Brusselse politiek loopt hierin kwestie engagement voorop.
Het is binnen de context van de voornoemde finaliteit van het Filokidsproject dat de methode Filosoferen met kinderen als randvoorwaarde zo belangrijk is.
Zij bepaalt immers in hoge mate de kwaliteit van de dialoog tussen de kinderen en de politici. Om er voor te zorgen dat in principe alle Nederlandstalige Brusselse kinderen aan de dialoog met de politici kunnen deelnemen zal de methode uiteindelijk in alle basisscholen geïmplementeerd moeten worden. Om dat in de toekomst te kunnen realiseren is contact gelegd met Voorrangsbeleid Brussel.
Hoe ik mijn stad beleef? wetenschappelijk en artistiek vertaald
Op 18 oktober wordt een conferentie georganiseerd in samenwerking met de raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Onder de titel Impressies van kinderen over de stad, onderzocht en vormgegeven wordt tijdens deze conferentie een presentatie gehouden van het belevingsonderzoek Filokids, kinderen filosoferen over de stad uitgevoerd door Jan Van Gils van vzw Kind en Samenleving en het boek Mijn Stad - Ma Ville - My City, uitspraken en foto's van kinderen over Brussel, samengesteld door Jan Knops van Initia vzw.
In het belevingsonderzoek wordt gerapporteerd over de methodische en over de inhoudelijke aspecten van het onderzoek. Methodisch gezien heeft het onderzoek een aantal opmerkelijke eigenschappen: het gaat immers zowel over belevingsonderzoek als over actie-onderzoek.
In het onderzoek wordt de dataverzameling via het filosoferen met kinderen volgens kwalitatieve onderzoeksmethodes verwerkt worden. Beide methodes zijn baanbrekend voor wat betreft het op wetenschappelijk niveau aan bod laten van kinderen als subjecten.
Inhoudelijk wil dit onderzoek een beeld geven van de referentiekaders van kinderen betreffende de stad. Die referentiekaders worden dermate in beeld gebracht dat ze de communicatie met de volwassenen bewoners van de stad zullen stimuleren.
Dit type belevingsonderzoek blijft hoe dan ook een witte raaf, maar in het kader van het aan bod laten van kinderen van een ongemeen belang.
In het boek 'Mijn Stad- Ma Ville - My City', uitspraken en foto's van kinderen over Brussel Uitgeverij Bakermat oktober 2000 geven een dertigtal kinderen aan de hand van hun filosofische uitspraken en de, door hen zelfgemaakte, foto's een impressie van Brussel.
Slotconferentie: kindvriendelijk stedelijk beleid
En tenslotte mocht de initiatiefgroep er nog in slagen additionele financiële middelen te verwerven voor het Filokidsproject dan is zij voornemens medio december 2000 een conferentie in te richten. De ervaringen met het Filokidsproject kunnen relevant zijn in een bredere context dan die van Brussel.De contacten met enkele steden in Europa (Genève en Barcelona) en met het European Network for Childfriendly Cities wijzen in die richting. Het is dan ook aangewezen om de resultaten breed kenbaar te maken. Dit zou kunnen gebeuren op een tweedaagse Europese conferentie in Brussel.
In de conferentie zal de klemtoon liggen op de wijze waarop aan kinderen een stem gegeven kan worden binnen een stedelijke context en hoe dit kan bijdragen tot een kindvriendelijke stad. Daarbij gaat de voorkeur naar een formule van lezingen en workshops waarin de diverse methodes worden getoond en geoefend.
Uitbouw van Het Kinderforum
Aan het einde van het project zal de fakkel worden overgedragen aan Jeugd en Stad (koepelorgaan van Brussels jeugdwerk en grootstedelijk jeugdcentrum).
Zij hebben van de Vlaamse Gemeenschapscommissie de opdracht gekregen, in samenwerking met de initiatiefnemers, te werken aan de uitbouw van een structuur om kinderen en jongeren inspraak te geven in het Brussels beleid. De voorlopige werktitel van deze structuur is Het Kinderforum.
Opmerkelijk in dit verhaal is het engagement van een aantal raadsleden van de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Zij hebben immers in de raad van de VGC een resolutie ingediend om dit Kinderforum te realiseren en gevraagd aan het College de oprichting ervan te onderzoeken en mogelijk te maken.